Plug-inhybrides zijn de toekomst

Elektrisch rijden wordt niet door iedereen omarmd. Tegenstanders communiceren verrassend fanatiek via vooral social media dat de auto’s en hun stroom helemaal niet milieuvriendelijk zijn en dat het stimuleren van elektrisch rijden heeft geleid tot veel weggegooid geld. En dan zijn er de auto­liefhebbers die er niets in zien. Een EV rijdt inderdaad minder opwindend dan een lekkere V8, maar de trekkracht, geruis­loosheid en de wetenschap dat je niets uitstoot werken echt verslavend. Ik ben een absolute petrolhead, toch wil ik geen dag meer zonder elektrische auto.

Critici kunnen wel hard schreeuwen, maar willen we de klimaatdoelstellingen van het akkoord van Parijs ook maar enigszins halen, dan zal onze overheid elektrisch rijden blijvend moeten stimuleren. Probleem is wel dat autofabrikanten nog steeds niet genoeg EV’s bouwen om aan de groeiende vraag te voldoen. Overal is er schaarste. Verder is er twijfel over de beschikbare grondstoffen om grote aantallen batterijen te maken, dalen de prijzen daarvan minder dan verwacht en is ons elektriciteitsnet nog niet opgewassen tegen het laden van veel meer elektrische auto’s met steeds grotere batterijen.

Hoe lossen we dat op? Welnu, met de zo vaak verfoeide plug-inhybrides. Recentelijk las ik interviews met twee Duitse technici, de één topman bij Audi, de ander hoogleraar en ontwikkelaar van de elektrische Street­Scooter-bestelwagen en de veelbelovende e.GO-stadsauto. Zij zeiden onafhankelijk van elkaar dat niet volledig elektrische auto’s of waterstofauto’s de toekomst zijn, maar geavanceerde plug-inhybrides: auto’s met elektroaandrijving én een ultrazuinige benzinemotor die op synthetische benzine draait. Deze nieuwe brandstof is al beschikbaar en de productie is snel op te schalen. Je kunt dan aanzienlijke afstanden emissievrij afleggen en alleen indien nodig rijd je met je brandstofmotor met nauwelijks uitstoot.

Elke emissieloze meter brengt ons dichter bij een betere toekomst

In ons land hebben plug-ins nu nog een matige reputatie, met name door verkeerde fiscale stimulansen, zoals bij de Foutlander. Maar als we deze auto’s aan het eind van hun leaseperiode niet massaal exporteren en elektrisch rijden en consequent laden juist stimuleren, leveren we al een bijdrage aan de klimaatdoelstellingen. Van daaruit kunnen we hybrides, plug-inhybrides en volledig elektrische auto’s verder gaan stimuleren. Elke emissieloze meter brengt ons dichter bij een betere toekomst.

Dus als autofabrikanten eindelijk gaan doen wat ze moeten doen, namelijk de schone, zuinige auto’s bouwen waar we om vragen, en de overheid helpt ons om die auto’s te kopen, dan gaan de productieaantallen omhoog, de prijzen omlaag en wordt er een serieuze stap vooruit gezet. Hopelijk worden ze in Den Haag heel snel zo wijs en vinden de conservatieve lawaaimakers geen gehoor!


Journalist en communicatiespecialist Jan Rooderkerk bracht vroeger in Avro’s De Hoogste Versnelling autonieuws en tests. Hij is nog altijd een echte petrolhead, maar specialiseerde zich ook in elektrisch rijden. Daar is hij enthousiast over, maar ook kritisch. Op deze plek praat hij je er elke maand over bij.