Het Formule 1-seizoen 2018 loopt na de eerste drie Grands Prix iets anders dan vooraf verwacht. Onze F1-expert Joe van Burik vertelt je waarom de renstal van Max Verstappen partij kan bieden aan topteams Mercedes en Ferrari.

Red Bull heeft een sterke raceauto

Hoe basaal en flauw het ook klinkt, de RB14 van Red Bull Racing is daadwerkelijk een auto die het juist in races erg goed doet. Gelet op de tijden die Verstappen en teamgenoot Daniel Ricciardo in vrije trainingen rijden tijdens racesimulaties (de zogeheten ‘long runs’) zijn ze zelfs vaak sneller dan Mercedes en Ferrari. Dat komt mede door de manier waarop de bolide omgaat met z’n banden: niet alleen door het ranke design met veel aerodynamische grip, maar ook nota bene het relatieve gebrek aan motorvermogen ten opzichte van rivalen zorgt ervoor dat de Red Bull-coureurs efficiënter met het rubber overweg kunnen. Dat bewijs werd geleverd tijdens de GP van China, toen beide coureurs veel langer dan verwacht op ultrasoft-rubber konden doorrijden, terwijl de Mercedes- en Ferrari-rijders juist voor duurzamere banden hadden gekozen. Dat geeft Red Bull een groot strategisch voordeel en vooral flexibiliteit ten opzichte van de concurrentie.

Mercedes is niet meer oppermachtig

Voor Mercedes leek de missie voor dit seizoen nog zó duidelijk. Vorig jaar wist het team weliswaar kampioen te worden, maar de auto van 2017 legde het toch relatief vaak af tegen Ferrari (en tweemaal tegen Red Bull). Lewis Hamilton en Valtteri Bottas bestempelden hun bolides zelfs als ‘diva’s’, om aan te geven dat de W08 moeilijk écht goed af te stellen is voor bepaalde circuits. Hoewel men optimistisch was over een oplossing voor 2018, blijkt ook de W09 moeilijk onder de duim te houden. Vooral Hamilton klaagde over problemen om de banden van zijn auto goed op temperatuur te houden én te krijgen, zowel in de kwalificatie als in de race op het circuit van Shanghai. Bottas lijkt daar minder last van de hebben. De Ferrari’s kunnen beter overweg met de verschillende soorten banden, ook wanneer het kouder of warmer dan gewenst is – al is bij het Italiaanse team nog onduidelijk of de aanvankelijke problemen met verhoogd brandstofverbruik al verdwenen zijn.

Verstappen en Ricciardo hebben elk wat te bewijzen

Vooral Max Verstappen maakte de tongriemen los in de eerste drie races van dit F1-seizoen, waarin hij meermaals overenthousiast over kwam: in Australië raakte zijn auto licht beschadigde bij verwoede pogingen om naar voren te komen, in Bahrein botste Verstappen met Hamilton en in China waren er zelfs twee incidenten – eenmaal wederom met Hamilton, en één met Vettel. Ook de Nederlander zelf weet dat hij daarmee zijn podiumkansen verspeelde. Hoewel Max heeft benadrukt zijn rijstijl niet te willen veranderen (waarmee de Limburger zijn unieke kwaliteiten ook tekort zou doen), zal hij op deze manier wel degelijk leren om verstandiger en minder impulsief te racen. Hij zal meer zijn momenten gaan kiezen.

Over keuzes gesproken: Daniel Ricciardo’s contract bij Red Bull loopt eind 2018 af, waarmee de Australiër reden genoeg heeft om zichzelf in de kijker te rijden. Niet zozeer bij zijn huidige werkgever, die meermaals heeft aangegeven hem te willen behouden, maar om te zien of hij een kansrijkere plek zou kunnen bemachtigen bij Mercedes of Ferrari. Reden genoeg om extra hongerig te jagen op overwinningen om richting alle drie partijen zijn kansen te vergroten én zijn prijs te kunnen opdrijven. Zo deed Ricciardo al extra goede zaken door de GP van China in stijl te winnen.

Ultracompetitiviteit achter de top

Vorig jaar fungeerde Force India nog met enige regelmaat als stoorzender achter de topteams, waardoor Red Bull vaker dan eens de aansluiting miste met Mercedes en Ferrari. Dit seizoen leek die rol even toebedeeld aan het verrassend snelle Haas, al strijd dat team nu vooral vooraan het middenveld – naast het Renault-fabrieksteam, McLaren en Toro Rosso, met daarachter hekkensluiters Sauber en Williams. Dat de verschillen in deze ‘tweede divisie’ van het F1-deelnemersveld extreem klein zijn, wordt wel aangetoond door het feit dat van alle teams alleen Williams nog niet in de top tien is gefinisht.

Er komt een verbeterde Renault-krachtbron aan

Volgens Renault krijgt de krachtbron in de bolides van Verstappen en Ricciardo nog dit seizoen een vermogensboost. Renault Sport-manager Cyril Abiteboul spreekt van een upgrade die voor een halve seconde per ronde snelheidswinst moet zorgen. Rond de Grand Prix van Canada zou de verbetering er moeten zijn – al heeft dit ook z’n weerslag op het aantal sets motoronderdelen dat per seizoen gebruikt wordt: het maximum is immers drie, en een hardewarematige verbetering vereist de inzet van geheel nieuwe componenten. Daarnaast zal de krachtbron in de kwalificaties nog beter gaan functioneren, belooft Abiteboul. Enige voorzichtigheid is wel geboden, gelet op beloftes die Renault in voorgaande jaren deed over motorontwikkelingen. Maar als de Franse leverancier woord houdt, maakt Red Bull een serieuze kans om zich consequenter met Mercedes en Ferrari te kunnen meten.